
Bewustwording & Groei
Over menselijke vorming, verbeeldingskracht en bewustwording
De ontwikkeling van onze binnenwereld
Leren begrijpen wie we zijn
Gedurende ons leven verwerven we kennis, ontwikkelen we vaardigheden en doen we ervaringen op die ons helpen om onze weg in de wereld te vinden.
Maar hoe leren we onszelf kennen?
Vanaf onze geboorte ontwikkelen we het vermogen om waar te nemen en te reageren op wat we ervaren. Gaandeweg leren we woorden geven aan onze gevoelens, ontdekken we wat we prettig of onprettig vinden en vormen we ideeën over onszelf en de wereld. Toch betekent dit niet dat we alles wat we voelen of waarnemen ook begrijpen.
Onze binnenwereld blijft zich gedurende ons leven ontwikkelen. Ervaringen, ontmoetingen en onze omgeving beïnvloeden hoe we naar onszelf kijken en welke betekenis we geven aan wat we meemaken.
Sommige inzichten ontstaan bijna vanzelf, terwijl andere meer aandacht en onderzoek vragen. Soms betekent dit dat we bereid moeten zijn om vertrouwde opvattingen opnieuw te bekijken.
Maar geven we de ontwikkeling van onze binnenwereld eigenlijk even vanzelfsprekend aandacht als het verwerven van kennis en vaardigheden?
Jezelf leren kennen betekent niet dat je voortdurend aan jezelf moet werken. Onze binnenwereld is geen verzameling tekortkomingen die opgelost moeten worden. Ze omvat ook onze waarden, verlangens, verbeeldingskracht, nieuwsgierigheid en mogelijkheden die we nog niet hebben onderzocht.
Innerlijke ontwikkeling begint daarom niet noodzakelijk bij de wens om iets aan onszelf te veranderen. Ze kan ook beginnen met ruimte maken. Ruimte om te ervaren, vragen te stellen en te ontdekken wie we zijn, zonder vooraf te bepalen wie we zouden moeten worden.

"Wie zich ontwikkelt, leert niet alleen meer over de wereld, maar kan ook een andere verhouding tot zichzelf ontwikkelen."
Bildung: de vorming van de mens
Wat betekent het eigenlijk om je als mens te ontwikkelen?
Binnen de pedagogiek biedt het begrip Bildung een waardevol perspectief op deze vraag. Bildung kent een lange filosofische en pedagogische geschiedenis en wordt onder andere verbonden met Wilhelm von Humboldt (1767–1835). In zijn denken staat de veelzijdige vorming van de mens centraal. Het gaat daarbij niet uitsluitend om het verwerven van kennis of het ontwikkelen van vaardigheden, maar ook om de manier waarop iemand zich in de ontmoeting met de wereld vormt.
Onze ontwikkeling vindt immers niet los van onze omgeving plaats. Wat we meemaken, de mensen die we ontmoeten en de ideeën waarmee we kennismaken, beïnvloeden hoe we denken en naar de wereld kijken. Soms kan één gesprek al voldoende zijn om iets wat we vanzelfsprekend vonden opnieuw te onderzoeken.
Daarmee raakt Bildung aan iets wezenlijks in de ontwikkeling van onze binnenwereld: het vermogen om niet alleen kennis op te doen, maar ook te onderzoeken wat onze ervaringen en inzichten voor ons betekenen.
Wie zich ontwikkelt, leert niet alleen meer over de wereld, maar kan ook een andere verhouding tot zichzelf ontwikkelen.
Vorming is daarbij geen proces waarin we steeds dichter bij een vooraf bepaald ideaal moeten komen. Het gaat ook om het ontdekken van onze mogelijkheden, het ontwikkelen van een eigen oordeel en het leren omgaan met wat we nog niet weten of begrijpen.
Dat maakt Bildung ook relevant voor de volwassen mens. Nieuwe ervaringen kunnen vertrouwde overtuigingen ter discussie stellen en onze kijk op onszelf veranderen. Wat ooit vanzelfsprekend voelde, kan op een ander moment een nieuwe betekenis krijgen.
Onze binnenwereld is vanuit dit perspectief geen vaststaand gegeven. Ze blijft zich ontwikkelen in wisselwerking met de wereld waarin we leven. Om die ontwikkeling beter te begrijpen, is het waardevol om niet alleen aandacht te besteden aan wat we ervaren, maar ook aan de manier waarop we betekenis geven aan die ervaringen.
Wat ervaringen ons leren en wat niet
Twee mensen kunnen dezelfde gebeurtenis meemaken en daar toch een heel andere betekenis aan geven. Waar de één een uitdaging ziet, ervaart de ander onzekerheid. Ervaringen vertellen ons dus niet alleen iets over de wereld om ons heen ze maken zichtbaar hoe we die wereld waarnemen, interpreteren en tegemoet treden.
De Amerikaanse filosoof en pedagoog John Dewey (1859–1952) beschouwde ervaring als een belangrijk uitgangspunt voor leren en ontwikkeling. Daarbij maakte hij een wezenlijk onderscheid: niet iedere ervaring draagt vanzelf bij aan verdere groei. Sommige ervaringen verruimen onze mogelijkheden, terwijl andere juist invloed kunnen hebben op de manier waarop we toekomstige situaties benaderen.
Hier krijgt reflectie betekenis. Door stil te staan bij wat we meemaken, kunnen we onderzoeken waarom een situatie ons raakt en welke gedachten of verwachtingen daarbij een rol spelen. Niet om iedere ervaring uitgebreid te analyseren, maar om bewuster te worden van de betekenis die we eraan geven. Een gevoel van afwijzing betekent bijvoorbeeld niet automatisch dat iemand ons daadwerkelijk afwijst. Misschien interpreteren we een opmerking vanuit een verwachting die we eerder hebben ontwikkeld. Maar het kan ook zijn dat onze reactie goed past bij wat zich op dat moment afspeelt.
Zelfonderzoek vraagt daarom om nieuwsgierigheid naar onze eigen interpretaties, zonder vooraf aan te nemen dat ze onjuist zijn of dat achter iedere reactie een diepere oorzaak schuilgaat. Reflectie kan nieuwe inzichten brengen, maar soms ontdekken we juist dat we nog niet goed kunnen verwoorden wat een ervaring voor ons betekent. Dat is niet erg, want ervaringen hoeven niet onmiddellijk begrepen te worden om betekenis te hebben.
Bovendien hoeven we onze binnenwereld niet uitsluitend te onderzoeken door terug te kijken op wat we hebben meegemaakt. Onze binnenwereld onderzoeken kan ook gaan over ons voorstellen wat we nog niet kennen en mogelijkheden verkennen die buiten onze vertrouwde manier van denken liggen.
"Soms begint een nieuwe mogelijkheid niet bij de beslissing om iets te veranderen, maar bij de vrijheid om ons voor te stellen dat het anders zou kunnen zijn."
Verbeeldingskracht: ruimte voor wat nog niet bestaat
Kun je jezelf iets voorstellen wat je nog nooit hebt meegemaakt? Een mogelijkheid die buiten je vertrouwde manier van denken ligt? Ons vermogen om te verbeelden stelt ons in staat verder te denken dan wat zich op dit moment aan ons voordoet. We kunnen situaties in gedachten verkennen en ons voorstellen hoe iets zou kunnen zijn. Verbeeldingskracht wordt vaak verbonden met fantasie, creativiteit en kunst, maar haar betekenis voor menselijke ontwikkeling reikt verder.
De psycholoog Lev Vygotsky (1896–1934) beschreef hoe onze verbeelding voortbouwt op ervaringen. We kunnen indrukken, herinneringen en bestaande kennis op nieuwe manieren met elkaar verbinden. Daarmee wordt het mogelijk iets te bedenken wat we niet rechtstreeks hebben ervaren.
Ook de onderwijsfilosoof Maxine Greene (1917–2014) benadrukte het belang van verbeelding. In haar werk verbond zij verbeeldingskracht aan het vermogen om de werkelijkheid vanuit andere perspectieven te bekijken en mogelijkheden te zien die binnen onze vertrouwde manier van denken misschien onzichtbaar blijven.
De vrijheid om iets te mogen denken
Niet alle gedachten die in ons opkomen krijgen dezelfde ruimte. Sommige ideeën hebben we bezwaren bij omdat ze onrealistisch lijken, botsen met onze verwachtingen of niet passen bij het beeld dat we van onszelf hebben ontwikkeld.
Dat kan toch niet. Wat zouden anderen daarvan vinden? Zo ben ik helemaal niet.
De bezwaren kunnen zich al aandienen voordat we de gedachte werkelijk hebben onderzocht.
Wat zou er gebeuren wanneer we ons iets mogen voorstellen zonder onmiddellijk te bepalen of het verstandig, wenselijk of uitvoerbaar is? Verbeelden betekent niet dat we ergens naar verlangenof dat we ernaar moeten handelen. Ook vreemde of ongewenste gedachten kunnen opkomen zonder iets te zeggen over onze bedoelingen.
Juist het onderscheid tussen denken en handelen geeft ruimte om nieuwsgierig te blijven naar wat een voorstelling bij ons oproept.
Innerlijke beelden als ingang tot begrip
Niet alles wat we ervaren, laat zich gemakkelijk in woorden uitdrukken. Soms kan een beeld of vergelijking helpen om iets vanuit een andere invalshoek te bekijken. Stel dat iemand moeite heeft om eigen grenzen te herkennen. De vraag hoe zo'n grens eruit zou zien, kan verschillende beelden oproepen. Misschien verschijnt een stevige muur, een open deur of een hek dat naar behoefte gesloten kan worden. Zo'n voorstelling geeft geen objectieve verklaring voor iemands gevoelens en hoeft ook geen verborgen betekenis te hebben. Wel kan het beeld aanleiding geven tot nieuwe vragen zoals bijvoorbeeld Waarom krijg ik juist dit beeld?
Maar verbeeldingskracht kan meer betekenen dan een ingang tot zelfonderzoek. We kunnen een innerlijk beeld ook bewust oproepen wanneer we ons in een lastige situatie bevinden. We nemen eigen grenzen aangeven weer als voorbeeld. Deze persoon die hier moeite mee heeft, kan zich bijvoorbeeld voorstellen dat er een muur tussen zichzelf en de ander staat. Zo'n voorstelling kan helpen om de eigen ruimte bewuster te ervaren. Verbeeldingskracht biedt niet alleen ruimte om ervaringen te onderzoeken, maar ook om bewust te verkennen hoe we ons tot een situatie willen verhouden. Het voorstellen van een grens kan daarbij ondersteunend zijn, terwijl het daadwerkelijk bewaken van de grens ook om handelen van deze persoon vraagt.
Jezelf en de ander vanuit een ander perspectief zien
Verbeeldingskracht speelt ook een rol wanneer we proberen te begrijpen hoe een ander de wereld ervaart. We kunnen ons voorstellen dat iemand vanuit andere ervaringen of overtuigingen naar dezelfde situatie kijkt.
Dat betekent niet dat we werkelijk weten wat die ander voelt of denkt. Wel worden we uitgenodigd om onze eigen interpretatie niet als de enige mogelijkheid te beschouwen. Hier raakt verbeeldingskracht aan empathie, begrip en oordeelsvorming. Ook in de relatie met onszelf kan een ander perspectief waardevol zijn. Een overtuiging die we jarenlang als vanzelfsprekend hebben beschouwd, kan een andere betekenis krijgen wanneer we ons voorstellen dat de situatie ook anders bekeken kan worden.

"Jezelf begrijpen en verantwoordelijkheid nemen sluiten elkaar niet uit. Ze kunnen elkaar juist versterken."
De ruimte om jezelf te ontmoeten
We kunnen nieuwsgierig zijn naar onze gevoelens, gedachten en verlangens. Toch zijn sommige kanten van onszelf lastiger te erkennen. Hoeveel ruimte we onszelf geven om die te onderzoeken, hangt niet alleen samen met ons vermogen tot reflectie, maar ook met de manier waarop we naar onszelf hebben leren kijken.
De Amerikaanse psycholoog Carl Rogers (1902–1987), grondlegger van de persoonsgerichte benadering, benadrukte het belang van empathie, echtheid en onvoorwaardelijke positieve waardering binnen een ondersteunende relatie. Volgens Rogers kunnen deze voorwaarden bijdragen aan een omgeving waarin iemand zich veilig genoeg voelt om zichzelf vrijer te onderzoeken.
Een belangrijke gedachte uit zijn werk is dat ons zelfbeeld mede wordt gevormd door ervaringen en de waardering die we van anderen ontvangen. Wanneer acceptatie afhankelijk lijkt van bepaald gedrag of bepaalde eigenschappen, kunnen we leren sommige kanten van onszelf minder ruimte te geven. Wie heeft geleerd dat sterk zijn betekent dat je geen kwetsbaarheid mag tonen, kan moeite krijgen om die kwetsbaarheid bij zichzelf te erkennen.
Eerst begrijpen, dan veranderen
Wanneer we iets in onszelf ontdekken dat ongemakkelijk voelt, willen we dit soms het liefst meteen veranderen. Maar wat gebeurt er wanneer we eerst proberen te begrijpen wat er in ons speelt?
Misschien herkennen we een verwachting die we onszelf zijn gaan opleggen. Of ontdekken we dat een bepaalde reactie ooit heel behulpzaam voor je was, maar inmiddels niet meer past.
Zelfaanvaarding kan gaan over verantwoordelijkheid nemen voor ons handelen en tegelijkertijd proberen te begrijpen wat eraan voorafgaat.
Jezelf begrijpen en verantwoordelijkheid nemen sluiten elkaar niet uit. Ze kunnen elkaar juist versterken.
Wat een ander kan betekenen
Zelfonderzoek richt zich op onze binnenwereld, maar we hoeven het niet altijd alleen te doen. Een gesprek waarin iemand aandachtig luistert, zonder onmiddellijk te oordelen of oplossingen aan te dragen, kan helpen om woorden te vinden voor wat we zelf nog niet goed begrijpen.
Dat betekent niet dat een ander beter weet wat er in ons speelt. Binnen de persoonsgerichte benadering staat juist de ruimte centraal om onze eigen ervaringen te onderzoeken en daar zelf betekenis aan te geven.
Voor ouders, pedagogen, coaches en andere begeleiders ligt hierin een belangrijke gedachte. Begeleiden vraagt niet altijd om richting geven of antwoorden aandragen. Soms ligt de waarde juist in het creëren van omstandigheden waarin iemand zich vrij voelt om vragen te stellen, te twijfelen en zichzelf te laten zien.
Ruimte om mens te zijn
Wanneer we nieuwsgierig blijven naar onze ervaringen, waarden en verwachtingen, kan geleidelijk meer begrip ontstaan voor wie we zijn. Soms leidt dat tot verandering. Soms helpt het vooral om een kant van onszelf te erkennen die we eerder moeilijk konden accepteren. Zo worden we niet alleen gevormd door wat we meemaken, maar ook door de manier waarop we met onszelf leren omgaan.

Een eigen stem en oordeel ontwikkelen
Onze ontwikkeling als mens hangt samen met de wereld om ons heen. De mensen met wie we opgroeien, de samenleving waarin we leven beïnvloeden hoe we denken. We nemen kennis en opvattingen over, we leren wat als vanzelfsprekend wordt beschouwd en ontdekken hoe we ons daartoe willen verhouden. Maar wat is nodig om zelfstandig te denken en een eigen oordeel te vormen?
Denken vraagt om (zelf)onderzoek
De politieke denker Hannah Arendt (1906–1975) hield zich uitgebreid bezig met de betekenis van denken, oordelen en verantwoordelijkheid. In haar werk onderzocht ze onder andere het belang van zelfstandig nadenken, juist wanneer bestaande regels, gewoonten of opvattingen als vanzelfsprekend worden aangenomen in de omgeving. Dit maakt dat denken verder gaat dan kennis verzamelen of het juiste antwoord vinden. Het vraagt om de bereidheid stil te staan bij wat we als waarheid beschouwen, ook wanneer anderen daar nauwelijks vragen bij stellen. Dat we ons eigen denkvermogen blijven gebruiken en verantwoordelijkheid nemen voor de oordelen die we vormen.
Een eigen oordeel in verbondenheid met anderen
Zelfstandig denken betekent niet dat we niet openstaan voor opvattingen van anderen. Juist door verschillende perspectieven serieus te nemen, kunnen we ons eigen oordeel verdiepen.
We kunnen bijvoorbeeld overtuigd zijn van een bepaald standpunt, totdat een gesprek ons confronteert met een gedachte die we zelf niet kennen. Een nieuw inzicht hoeft onze overtuiging niet te veranderen. Het kan ons helpen om te begrijpen waarom iemand anders tot een andere conclusie dan onszelf kan komen. Dus we ontwikkelen het vermogen om verder te kijken dan alleen naar onszelf.
Een eigen stem ontwikkelen vraagt dus zowel om zelfstandigheid maar ook om openheid en bereidheid, we leren eigen gedachten onder woorden te brengen, maar ook om andere standpunten en inzichten te onderzoeken en af te wegen..
Denken en verantwoordelijkheid
Ons denken beïnvloedt hoe we handelen, welke keuzes we maken en hoe we met anderen omgaan. Dus ons denken heeft ook een morele en maatschappelijke betekenis. We dragen verantwoordelijkheid voor ons handelen, zelfs wanneer we ons kunnen beroepen op algemeen geaccepteerde gewoonten, verwachtingen of de opvattingen van anderen of een maatschappij.
Binnen menselijke vorming is dat een belangrijke stap: we ontwikkelen niet alleen het vermogen om onszelf te begrijpen, maar ook om bewust deel te nemen aan de wereld waarin we leven.
"Inzicht en verandering volgen niet noodzakelijk hetzelfde tempo."
Van inzicht naar integratie
Een nieuw inzicht kan onze kijk op onszelf of een situatie veranderen. Toch betekent een ander inzicht begrijpen niet vanzelf dat we anders gaan handelen. We kunnen bijvoorbeeld leren door inzichten van anderen, dat het aangeven en bewaken van grenzen goed voor jezelf is. Maar toch blijf je zelf moeite hebben met het aangeven en bewaken van eigen grenzen, en in een lastige situatie alsnog terugvallen op vertrouwd gedrag.
Inzicht en verandering volgen niet noodzakelijk hetzelfde tempo.
Wanneer inzicht een plaats krijgt in ons leven
Binnen menselijke ontwikkeling speelt niet alleen het verwerven van nieuwe inzichten een rol, maar ook de manier waarop we die verbinden met onze ervaringen en ons dagelijks handelen. Dat proces kunnen we beschrijven als integratie. Een inzicht kan aanvankelijk vooral iets zijn wat we begrijpen. Pas wanneer we het meenemen in nieuwe situaties, ermee experimenteren en ervaren wat het voor ons betekent, kan het geleidelijk onderdeel worden van onze manier van denken en handelen.
Dat vraagt tijd. Gewoonten en gedrag hebben zich vaak gedurende langere tijd ontwikkeld en kunnen aardig vastzitten. Een nieuw inzicht maakt die vertrouwde gewoonte niet onmiddellijk ongedaan. Bovendien hoeft ook niet ieder inzicht tot een verandering te leiden. Soms ontstaat simpelweg meer begrip voor de keuzes die we maakten of voor de omstandigheden waarin bepaalde overtuigingen zijn ontstaan. Ook dat kan betekenis hebben voor onze ontwikkeling.
Ontwikkeling laat zich niet afdwingen
Wanneer we persoonlijke ontwikkeling uitsluitend beoordelen aan de hand van zichtbare vooruitgang, kunnen we voorbijgaan aan processen die zich minder gemakkelijk laten aanwijzen. Soms herkennen we een vertrouwde reactie eerder dan voorheen, zonder dat we al anders kunnen handelen. Ook daarin kan ontwikkeling schuilgaan. Dit sluit weer mooi aan bij de bredere gedachte achter Bildung: menselijke vorming laat zich niet volledig vastleggen in wat iemand op een bepaald moment weet, kan of bereikt.
We blijven ons ontwikkelen in wisselwerking met de wereld, met anderen en met onszelf. Nieuwe inzichten en ontwikkeling vragen vooral tijd en ruimte nodig om betekenis te krijgen.
Ter verdieping
Bronnen en achtergrond
Dit artikel brengt inzichten uit de pedagogiek, psychologie en filosofie samen rond menselijke vorming, zelfkennis, verbeeldingskracht en bewustwording.
De onderstaande publicaties bieden een theoretische en wetenschappelijke achtergrond bij de verschillende onderwerpen die aan bod komen. De verbindingen tussen deze inzichten, de beschouwingen en de vragen in het artikel zijn mede gevormd vanuit de pedagogische mensvisie van HUV Skin & Soul. Niet iedere interpretatie of praktische toepassing is rechtstreeks aan afzonderlijk onderzoek ontleend.
Menselijke vorming en leren door ervaring
-
Von Humboldt, W. (1793/1794). Theorie der Bildung des Menschen. Filosofisch fragment over de veelzijdige vorming van de mens.
Bekijk publicatie -
Dewey, J. (1938). Experience and Education. Macmillan.
Bekijk publicatie
Verbeeldingskracht en mentale beeldvorming
-
Vygotsky, L. S. (2004). Imagination and Creativity in Childhood. Journal of Russian & East European Psychology, 42(1), 7–97. Engelse vertaling van oorspronkelijk werk uit 1930.
Bekijk publicatie -
Greene, M. (1995). Releasing the Imagination: Essays on Education, the Arts, and Social Change. Jossey-Bass.
Bekijk publicatie -
Holmes, E. A. & Mathews, A. (2010). Mental Imagery in Emotion and Emotional Disorders. Clinical Psychology Review, 30(3), 349–362.
Bekijk publicatie
Zelfaanvaarding, oordeelsvorming en verantwoordelijkheid
-
Rogers, C. R. (1961). On Becoming a Person: A Therapist's View of Psychotherapy. Houghton Mifflin.
Bekijk publicatie -
Arendt, H. (1978). The Life of the Mind. Harcourt Brace Jovanovich.
Bekijk publicatie
